Als je mij vraagt waarom ik zo vaak in Italië ben, verwacht je misschien een antwoord over het eten of het weer. En eerlijk? Die staan absoluut op de lijst. Net zoals ons droomhuis in Toscane waar we natuurlijk zo vaak mogelijk naartoe willen.
Maar er zijn ook een paar minder voor de hand liggende redenen waarom ik gek ben op Italië. Wat ervoor zorgt dat ik altijd het gevoel heb dat ik thuiskom. En dat zijn misschien juist wel de kleine dingetjes.
Een plek waar wij zelf nog nooit van hadden gehoord voordat we er terechtkwamen.
In Nederland plannen we vaak alles strak achter elkaar. Je kent het wel, snel tussendoor lunchen achter je laptop. Of in je auto.
In Italië lijkt niemand zich druk te maken als een lunch uitloopt. Er is tijd voor een extra koffie, een gesprek of nog een stukje brood. En gek genoeg draait de wereld daar gewoon door..
Laten we beginnen met het voor de hand liggende. Het heerlijke, zonnige, warme weer.
De zon doet iets met mensen. Met mij in ieder geval wel. Buiten ontbijten, de deuren openzetten, een wandeling maken na het eten. In Italië speelt een groot deel van het leven zich buiten af.
Zelfs een gewone dinsdag voelt daardoor net iets leuker.
Ik weet niet precies hoe het kan, maar het is wel echt zo. De tomaten zijn lekkerder in Italië.
Misschien is het de zon. Misschien de grond. Misschien romantiseer ik het een beetje, dat wil ik best toegeven.
Maar een simpele tomaat smaakt in Italië toch echt lekkerder.
Of ze hebben het wel, maar ze laten het niet merken.
In Italië krijg ik altijd het gevoel dat mensen leven in plaats van rennen. Er wordt gepraat op straat. Er wordt gelachen op een terras en er wordt uitgebreid afscheid genomen. Bij de kassa wordt een praatje gemaakt en naar een restaurant gaan, is een avondvullend programma vol uitleg over alle gerechten.
Dat tempo werkt aanstekelijk.
Ja, ik weet het.
Na elf uur een cappuccino bestellen hoort eigenlijk niet. Dat is eigenlijk not done. En toch blijf ik het soms doen. Cappuccino en dolce voor het ontbijt en dat is niet zo gezond als mijn bak kwark in Nederland. Maar oh wat hou ik er van!
Zeker in Toscane.
Je rijdt een heuvel op en ineens ligt er een dorpje op een bergtop. Een paar kilometer verder zie je cipressen, wijngaarden of eindeloze vergezichten.
Het zijn van die uitzichten waarbij je automatisch even langzamer gaat rijden. Af en toe voelt het alsof je naar een ansichtkaart kijkt. Ik krijg hier nooit genoeg van!
Misschien herken je dit.
Je gaat Italië binnen met het plan om alleen even melk te halen.
Een uur later loop je naar buiten met verse pasta, koekjes, olijfolie, lokale wijn, kaas en drie dingen waarvan je nog steeds niet weet wat het precies is.
Italiaanse supermarkten zijn gevaarlijk gezellig. En dat geldt ook voor iemand die een hekel aan koken heeft.
Veel van de lekkerste gerechten bestaan uit maar een paar ingrediënten.
Geen ingewikkelde recepten en geen eindeloze lijst boodschappen.
Gewoon goede producten die samen iets heel lekkers worden.
Dat vind ik misschien wel het mooiste van de Italiaanse keuken.
.
Of het nu door de buitenlucht komt, het ritme van de dag of de afwezigheid van mijn to-do-lijst weet ik niet. Of misschien door het heerlijke glas rode wijn en de luiken die alles donker maken.
Maar zodra ik in Toscane ben, merk ik hoe druk ik het eigenlijk had.
Hier lijkt dat langzaam weg te zakken. Ik slaap beter, word uitgeruster wakker en heb ineens weer ruimte in mijn hoofd. Alsof mijn hoofd begrijpt dat het even nergens heen hoeft.
Mijn Italiaans is niet bepaald op niveau. Toch probeer ik het onder aanmoediging van de mensen bij de lokale bakker, supermarkt en het restaurant in ons dorp.
Hun enthousiaste reactie op mijn grammaticaal zeer beroerde Italiaans werkt zo aanstekelijk dat het me motiveert om echt mijn huiswerk te maken voor Italiaanse les.
De Italianen waarderen dat je er moeite voor doet!
Eigenlijk had ik nog wel 20 redenen kunnen geven waarom ik me hier zo thuis voel. En weet je, uiteindelijk gaat het niet om de perfecte pasta of het mooiste uitzicht, maar juist om de kleine dingen.
Een espresso in de ochtendzon.
Een lange avond aan tafel.
Een wandeling zonder bestemming.
Dat gevoel dat het leven soms best wat langzamer mag. Dat niet alles efficiënt hoeft te zijn. En dat geluk vaak zit in de kleinste dingen.
Misschien is dat wel de echte reden waarom ik steeds weer terugkeer naar Italië. En waarom we uiteindelijk ook een huis hebben gekocht in Toscane.
Niet alleen vanwege het weer, het eten of het uitzicht. Maar omdat het voelt als thuiskomen.
En jij? Waarom ga jij graag naar Italië? Laat het me weten!
Ciao Renate
2026 © Casa Dolce Poggio